Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgan чл. 4
§ 3 Vertrouwenspersoon integriteit en ongewenste omgangsvormen
1 De vertrouwenspersoon wordt aangewezen en van zijn taak ontheven door de minister.
2 Aanwijzing vindt, behoudens tussentijdse taakontheffing, plaats voor de duur van vijf jaar en kan telkens voor vijf jaar worden verlengd.