Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, enerzijds en чл. 2Toepassingsgebied
Hoofdstuk I INLEIDING
1 Dit Verdrag is van toepassing op het volgende gebied: a. de Westerschelde en haar monding in zee; b. de Beneden-Zeeschelde, met uitzondering van haar zijrivieren; c. de Boven-Zeeschelde, met uitzondering van haar zijrivieren, tot aan de sluizen van Gent; d. het Kanaal van Gent naar Terneuzen; e. het Schelde-Rijnkanaal.
2 Het toepassingsgebied van dit Verdrag kan uitgebreid worden naar het volgende gebied, in de mate dat de verwezenlijking van de doelstellingen in Artikel 3 dit vereist: a. de zijrivieren die uitmonden in de Westerschelde, de Beneden-Zeeschelde en de Boven-Zeeschelde; b. de kanalen die uitmonden in de Westerschelde.