Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in чл. 116
HOOFDSTUK VIII Betrekkingen met de buitenwereld
Aan iedere geïnterneerde zal worden toegestaan, met geregelde tussenpozen en zo dikwijls mogelijk, bezoek te ontvangen, in de eerste plaats van zijn naaste verwanten.
In dringende gevallen en voor zover mogelijk, in het bijzonder in geval van overlijden of ernstige ziekte van een familielid, zal aan de geïnterneerde worden toegestaan zijn gezin te bezoeken.