Wet op de rechterlijke organisatie · Wet op de rechterlijke organisatie
Wet op de rechterlijke organisatie Art. 21c
Paragraaf 1 Inrichting
De zittingsplaatsen onderscheidenlijk overige zittingsplaatsen van de rechtbank Amsterdam, de rechtbank Oost-Brabant, de rechtbank Overijssel en de rechtbank Rotterdam zijn over en weer zittingsplaatsen onderscheidenlijk overige zittingsplaatsen van deze rechtbanken in zaken waarin deze rechtbanken bevoegd zijn op grond van artikel 2, eerste lid, voorlaatste en laatste volzin van het Wetboek van Strafvordering .
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2021-01-01