Rijkswet vrijwillige zetelverplaatsing van rechtspersonen Art. 13
Afdeling 3 Overplaatsing van vennootschappen binnen een deel van het Koninkrijk
1 Elke wijziging van de akte van oprichting, als in artikel 12 bedoeld, behoeft de toestemming of de bekrachtiging van Onze Minister van Justitie van het betrokken deel van het Koninkrijk.
2 Ten aanzien van de toestemming is artikel 4, eerste en derde lid , van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in artikel 4, derde lid , bedoelde stukken worden gezonden aan Onze Minister die de toestemming heeft verleend.
3 Ten aanzien van de bekrachtiging is artikel 5 van toepassing, met dien verstande dat het verzoek om bekrachtiging wordt gericht tot Onze Minister van Justitie van het deel van het Koninkrijk, waar de vennootschap gevestigd is.
4 De artikelen 6, eerste en tweede lid , en 7 zijn van toepassing, met dien verstande dat de intrekking der toestemming of bekrachtiging geschiedt door Onze in het vorige lid genoemde Minister van Justitie met Onze machtiging.
5 Artikel 8 is van overeenkomstige toepassing.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 1998-01-01