Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers Art. 13fVerhoging ouderdomspensioen door omzetting van partnerpensioen
Hoofdstuk 4 Het ouderdomspensioen
1 Een minister of gewezen minister kan bij de ingang van het pensioen de opgebouwde aanspraken op partnerpensioen als bedoeld in hoofdstuk 5 , omzetten in aanspraken op ouderdomspensioen.
2 Met de keuze voor de omzetting vervalt de aanspraak op het partnerpensioen. De keuze is onherroepelijk.
3 De keuze voor de omzetting kan slechts worden gedaan met toestemming van de partner.
4 Bij de omzetting wordt een ruilvoet toegepast die aansluit bij de ruilvoet die in overeenkomstige gevallen wordt gehanteerd ten aanzien van overheidswerknemers.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2022-07-01