Besluit fondsen en spaarregelingen · Besluit fondsen en spaarregelingen
Besluit fondsen en spaarregelingen Art. 13
Hoofdstuk II Regelingen tot sparen anders dan door fondsvorming
1 De regeling moet een nauwkeurige omschrijving inhouden van: a. het tijdstip waarop en de voorwaarden waaronder de deelnemer over zijn tegoed kan beschikken; b. de gevolgen van het eindigen van de dienstbetrekking van een deelnemer voor wat betreft het beschikken over zijn tegoed.
2 In de regeling, bedoeld in het eerste lid moet ten minste worden bepaald dat over het tegoed van een deelnemer zonder enige tijdsbepaling of voorwaarde kan worden beschikt: a. door de deelnemer zelf ingeval de dienstbetrekking is beëindigd en 1e. hij gaat emigreren; 2e. hij voor meer dan 45% arbeidsongeschikt is in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964 ; 3e. hij de leeftijd van 60 jaar heeft bereikt; 4e. de werkgever bij wie de deelnemer in dienst was zijn onderneming heeft gestaakt en deze werkgever tevens degene is die krachtens een ontheffing als bedoeld in artikel 15 het tegoed beheert; b. door zijn rechtverkrijgenden na het overlijden van de deelnemer.
3 De deelnemers en hun rechtverkrijgenden mogen ten gevolge van een bepaling in de regeling of tengevolge van een wijziging daarin geen rechten op het tegoed verliezen.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 1976-07-26