Werkloosheidswet · Werkloosheidswet
Werkloosheidswet Art. 40
§ 3 De betaling van de uitkering
1 De uitkering is onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding of belening.
2 Een machtiging tot het in ontvangst nemen van de uitkering, onder welke vorm of benaming ook verleend, is steeds herroepelijk.
3 Elk beding, strijdig met het eerste of tweede lid, is nietig.