Mandaatbesluit personele bevoegdheden Kabinet der Koningin 1 Art. 4
Bij de uitoefening van de in artikel 1 genoemde bevoegdheden door de directeur van het Kabinet der Koningin luidt de ondertekening van de documenten:
‘De directeur van het Kabinet der Koningin’.
Indien de directeur zijn bevoegdheid heeft overgedragen als bedoeld in artikel 2 , luidt de ondertekening:
‘De directeur van het Kabinet der Koningin
voor deze,
(functie-benaming van de ondertekenaar)’.