Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar · Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Art. 8
§ 1 Algemene bepalingen
1 Een akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing en de aanvullende opsporingsbevoegdheid worden ingetrokken op aanvraag van de werkgever of indien de noodzaak, bedoeld in artikel 4, eerste lid , niet meer aanwezig is.
2 De intrekking, bedoeld in het eerste lid, geschiedt door degene die de akte van opsporingsbevoegdheid of de aanvullende opsporingsbevoegdheid heeft verleend, dan wel de aanwijzing heeft gedaan.