Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten Art. 3:61Onvervreemdbaarheid van verstrekkingen
Afdeling 4 De betaling van de uitkering
1 Onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding en belening zijn: a. de arbeidsongeschiktheidsuitkering; b. de verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 3:9 ; c. de vakantie-uitkering; d. de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 3:10 .
2 Volmacht tot ontvangst van een uitkering onder welke vorm of welke benaming ook verleend, is steeds herroepelijk.
3 Elk beding, strijdig met dit artikel, is nietig.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2021-01-01