Penitentiaire beginselenwet · Penitentiaire beginselenwet
Penitentiaire beginselenwet Art. 75
Hoofdstuk XIV Overleg en vertegenwoordiging
1 De in de artikelen 17 en 18 , alsmede in de hoofdstukken XI tot en met XIII aan de gedetineerde toegekende rechten kunnen, behoudens ingeval Onze Minister, de Medisch Adviseur, Onze Minister of beklag- of beroepscommissie, de beklagcommissie, bedoeld in hoofdstuk XIIA , of de beroepscommissie, bedoeld in hoofdstuk XIIA of XIIB , van oordeel is dat zwaarwegende belangen van de gedetineerde zich daartegen verzetten, mede worden uitgeoefend door: a. de curator, indien de gedetineerde onder curatele is gesteld; b. de mentor, indien ten behoeve van de gedetineerde een mentorschap is ingesteld; c. de ouders of voogd, indien de gedetineerde minderjarig is.
2 De directeur draagt zorg dat de in het eerste lid genoemde personen op deze rechten opmerkzaam worden gemaakt.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2021-01-01