Regeling luchtverkeersdienstverlening · Regeling luchtverkeersdienstverlening
Regeling luchtverkeersdienstverlening Art. 5Gecontroleerde luchthavens en plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden
1 Als gecontroleerde luchthaven zijn aangewezen: a. Schiphol; b. Rotterdam; c. Eelde; d. Maastricht; e. Lelystad; f. De Kooy; g. Deelen; h. Eindhoven; i. GilzeRijen; j. Leeuwarden; k. De Peel; l. Volkel; m. Woensdrecht.
2 Als plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied zijn aangewezen de gedeelten van het luchtruim rond de in het eerste lid genoemde luchthavens, aangeduid met de naam van de desbetreffende luchthaven en de toevoeging CTR.
3 Als plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied zijn tevens aangewezen het boven Nederlands grondgebied gelegen deel van de Niederrhein CTR, en de Kleine-Brogel CTR.
4 In afwijking van het tweede en het derde lid, zijn de gedeelten van het luchtruim die zijn aangewezen als plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden van de in het eerste lid, onderdelen c tot en met m, genoemde luchthavens en de in het derde lid genoemde Niederrhein CTR en de Kleine-Brogel CTR enkel als plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden aangewezen gedurende de openstellingsuren van de desbetreffende luchthavens.
5 De plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden zijn de gebieden die zijn vastgesteld door de minister en die zijn opgenomen in de luchtvaartgids, hoofdstuk ENR 6.
6 De in het tweede en derde lid genoemde gebieden worden lateraal en verticaal gedefinieerd door de grenzen die zijn vastgesteld door de minister en die zijn opgenomen in de luchtvaartgids, hoofdstukken ENR 2 en AD 2.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2019-11-07