Wijzigingswet Wet op de Ruimtelijke Ordening (1999) Art. VII
Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wijzigingen in de praktijk.