Wet inkomstenbelasting 2001 · Wet inkomstenbelasting 2001
Wet inkomstenbelasting 2001 Art. 3.103Specifieke uitbreidingen publiekrechtelijke uitkeringen
Afdeling 3.5 Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen
Tot de periodieke uitkeringen en verstrekkingen die worden ontvangen op grond van een publiekrechtelijke regeling behoren:
a. uitkeringen uit vrijwillige verzekering op grond van de artikelen 35 of 38 van de Algemene Ouderdomswet en de artikelen 63a , 63d of 66a, derde lid, van de Algemene nabestaandenwet ; b. uitkeringen aan gemoedsbezwaarden op grond van artikel 48 van de Algemene Ouderdomswet ; c. uitkeringen op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen ; d. uitkeringen in verband met de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd op grond van een regeling op grond van de artikelen 3 en 9 van de Kaderwet SZW-subsidies ; e. uitkeringen op grond van buitenlandse regelingen die naar aard en strekking overeenkomen met uitkeringen als bedoeld in de onderdelen a, b, c en d.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2013-07-01