Vreemdelingenwet 2000 · Vreemdelingenwet 2000
Vreemdelingenwet 2000 Art. 20
Paragraaf 2 De verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd
1 Onze Minister is bevoegd: a. de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd in te willigen, af te wijzen dan wel niet in behandeling te nemen; b. een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd in te trekken; c. ambtshalve een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd te verlenen aan de vreemdeling wiens EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen op grond van artikel 45d is ingetrokken.
2 Een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd wordt niet onder beperkingen verleend. Aan de vergunning worden geen voorschriften verbonden.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2014-03-29