Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie Art. 4Hoogte van de aanvullende uitkering
Hoofdstuk 2 De aanvullende uitkering bij werkloosheid
1 Indien de duur van de bovenwettelijke uitkering, berekend op basis van artikel 2 , ten minste gelijk is aan de duur van de WW-uitkering, berekend op basis van de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet , wordt de WW-uitkering gedurende de eerste twee maanden tot 85%, gedurende de daaropvolgende tien maanden tot 80%, gedurende de daaropvolgende zes maanden tot 75% en vervolgens tot 70% van het voor de betrokkene geldende dagloon aangevuld.
2 Indien de duur van de bovenwettelijke uitkering, berekend op basis van artikel 2 , korter is dan de duur van de WW-uitkering, berekend op basis van de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet , wordt de uitkering, bedoeld in de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet , gedurende de eerste twee maanden tot 85%, gedurende de daaropvolgende tien maanden tot 80%, gedurende de daarop volgende zes maanden tot 75% en vervolgens tot 70% aangevuld.
3 Voor de toepassing van dit artikel wordt de WW-uitkering steeds geacht door de betrokkene onverminderd te zijn genoten.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2011-01-01