Algemene bij- en toeslagregeling AOR 2002 · Algemene bij- en toeslagregeling AOR 2002
Algemene bij- en toeslagregeling AOR 2002 Art. 5
1 Aan degene die ter zake van het genot van een uitkering premieplichtig is ingevolge de Algemene ouderdomswet en de Algemene nabestaandenwet wordt daarvoor een vergoeding verleend.
2 De in het eerste lid bedoelde vergoeding bedraagt 8,1% van het betaalbaar bedrag van de uitkering, voor zover deze buiten het grondgebied van Indonesië wordt genoten.
3 Onder `betaalbaar bedrag', bedoeld in het tweede lid, wordt verstaan: het met toepassing van de artikelen 2 of 3 berekende bedrag van de uitkering, verminderd overeenkomstig artikel 4.