Mijnbouwregeling · Mijnbouwregeling
Mijnbouwregeling Art. 8.3.1.3
§ 8.3.1 Beveiligingen bij het aanleggen, wijzigen of uitbreiden van boorgaten
1 Het boorgat wordt na het inbouwen en cementeren van de eerste drukhoudende serie der verbuizing voorzien van een beveiligingsinstallatie waarmee het boorgat onder alle omstandigheden kan worden afgesloten.
2 De in het eerste lid bedoelde beveiligingsinstallatie is opgebouwd uit: a. boorgatafsluiters; b. een hoofdbedieningsverdeelwerk; c. twee bedieningspanelen; d. een smoorverdeelstuk; e. leidingen tussen de hiervoor genoemde onderdelen, en f. boorgereedschapafsluiters.
3 De beveiligingsinstallatie, met uitzondering van het bedieningsgedeelte en de in artikel 8.3.1.4, eerste lid, onderdeel a , bedoelde compressielichaamafsluiter, kan te allen tijde tenminste de aan de bovenzijde van het boorgat te verwachten maximale druk weerstaan.
4 Indien enig vermoeden bestaat dat er zwavelwaterstofhoudend gas aanwezig is, is de beveiligingsinstallatie bestand tegen blootstelling aan zwavelwaterstofhoudend gas.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2023-07-01