Spoorwegwet Art. 123b
§ 2 Overige overgangsbepalingen
1 Een vergunning voor indienststelling van een hoofdspoorweg als bedoeld in artikel 8, tweede lid , zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van hoofdstuk 2a , berust met ingang van de dag waarop artikel 26h in werking treedt op artikel 26h, tweede lid.
2 Een aanvraag respectievelijk een beslissing op een aanvraag voor het buiten toepassing laten van een of meer technische specificaties inzake interoperabiliteit als bedoeld in artikel 8, derde lid , respectievelijk 9, vierde lid , zoals die artikelen luidden op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van hoofdstuk 2a , berust met ingang van de dag waarop artikel 26f in werking treedt op artikel 26f, eerste lid.
3 Een aanvraag respectievelijk een beslissing op een aanvraag als bedoeld in artikel 8, vierde lid , respectievelijk 9, zesde lid , zoals die artikelen luidden op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van hoofdstuk 2a , berust met ingang van de dag waarop artikel 26h in werking treedt op artikel 26h, vijfde lid.
4 Een aanvraag respectievelijk een beslissing op een aanvraag als bedoeld in artikel 8, achtste lid , zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van hoofdstuk 2a , berust met ingang van de dag waarop artikel 26h in werking treedt op artikel 26h, vierde lid.
5 Een aanvraag respectievelijk een beslissing op een aanvraag als bedoeld in artikel 9, vijfde lid , zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van hoofdstuk 2a , berust met ingang van de dag waarop artikel 26f , in werking treedt op artikel 26f, eerste lid.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2019-06-16