Wet verplichte beroepspensioenregeling · Wet verplichte beroepspensioenregeling
Wet verplichte beroepspensioenregeling Art. 138Beheerste en integere bedrijfsvoering
Hoofdstuk 5 Financieel toetsingskader inzake beroepspensioenfondsen
1 Een beroepspensioenfonds richt zijn organisatie zodanig in dat deze een beheerste en integere bedrijfsvoering waarborgt.
2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot het eerste lid. De regels hebben in ieder geval betrekking op: a. het beheersen van bedrijfsprocessen en bedrijfrisico’s; b. integriteit; c. de soliditeit van het beroepspensioenfonds, waaronder wordt verstaan: 1°. het beheersen van financiële risico’s; en 2°. het beheersen van andere risico’s die de soliditeit van het beroepspensioenfonds kunnen aantasten; d. het beheersen van de financiële positie over de lange termijn door periodiek een haalbaarheidstoets te maken.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2015-01-01