Wet op het financieel toezicht · Wet op het financieel toezicht
Wet op het financieel toezicht Art. 2:13
§ 2.2.2.1 Vergunningplicht en -eisen voor banken met zetel in Nederland
1 Indien een bank voornemens is tevens beleggingdiensten te verlenen of beleggingsactiviteiten te verrichten in Nederland, stelt de Nederlandsche Bank op aanvraag van een vergunning als bedoeld in artikel 2:11 slechts een ontwerpbesluit als bedoeld in artikel 14 van de verordening bankentoezicht op indien de aanvrager, onverminderd artikel 2:12 , aantoont dat eveneens zal worden voldaan aan het bepaalde ingevolge: a. artikel 4:14, tweede lid, onderdeel c, onder 1° tot en met 6° , met betrekking tot de inrichting van de bedrijfsvoering; b. artikel 4:87 met betrekking tot het treffen van adequate maatregelen ter bescherming van rechten van cliënten; en c. artikel 4:91a met betrekking tot de regels die gelden voor het handelsproces en de afhandeling van transacties in een multilaterale handelsfaciliteit indien de aanvrager voornemens is een multilaterale handelsfaciliteit te exploiteren.
2 De aanvraag van de vergunning geschiedt onder opgave van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen gegevens.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2021-10-19