Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft Art. 5
§ 2.1 Bewijzen van vakbekwaamheid Bepalingen ter uitvoering van artikel 4:9, vierde lid, van de wet
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
inkomensverzekering: schadeverzekering ter dekking van het risico van financiële schade ten gevolge van arbeidsongeschiktheid of werkloosheid; pensioen: 1°. pensioenverzekering; 2°. premiepensioenvordering; 3°. uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet tussen een werkgever en een uitvoerder van een algemeen pensioenfonds; 4°. vrijwillige aansluiting bij bedrijfstakpensioenfonds; of 5°. aankoop van een variabele of vaste uitkering uit een kapitaalovereenkomst als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet of premieovereenkomst als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; schadeverzekering particulier: schadeverzekering, niet zijnde een inkomensverzekering of een schadeverzekering zakelijk; schadeverzekering zakelijk: schadeverzekering ten behoeve van een cliënt handelend in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf, met uitzondering van een inkomensverzekering; vermogen: levensverzekeringen, niet zijnde pensioenverzekeringen of producten als bedoeld in onderdeel 5° van de definitie van pensioen, en lijfrenterekeningen als bedoeld in artikel 3.126a, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 , spaarrekeningen eigen woning als bedoeld in artikel 10bis.5, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 , rechten van deelneming in beleggingsinstellingen voor zover vrijgesteld op grond van artikel 2:104, eerste lid, van de wet en beleggingsobjecten; zorgverzekering: een schadeverzekering ten behoeve van een verzekeringsplichtige als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet en een aanvullende ziektekostenverzekering.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2020-01-01