Regeling voertuigen · Regeling voertuigen
Regeling voertuigen Art. 5.18.25db
§ 1 Afmetingen, massa’s en lasten
1 De op de constructieplaat van de koppeling van een landbouw- of bosbouwtrekker, motorrijtuig met beperkte snelheid, mobiele machine, landbouw- of bosbouwaanhangwagen of verwisselbaar getrokken uitrustingsstuk vermelde technisch toegestane maximumlast op de koppeling mag niet worden overschreden.
2 In aanvulling op het gestelde in het eerste lid mag de toegestane maximumlast op de koppeling van een landbouw- of bosbouwtrekker, motorrijtuig met beperkte snelheid, mobiele machine, landbouw- of bosbouwaanhangwagen of verwisselbaar getrokken uitrustingsstuk, indien de koppeling van het trekkende voertuig is: a. een koppelingskogel met een nominale diameter van: 1°. 50 mm, niet meer bedragen dan 150 kg; 2°. 80 mm, niet meer bedragen dan 4.000 kg; 3°. 110 mm, niet meer bedragen dan de technisch toegestane maximummassa van het voertuig verminderd met de massa in rijklare toestand; 4°. 150 mm, niet meer bedragen dan de technisch toegestane maximummassa van het voertuig verminderd met de massa in rijklare toestand; b. een vangmuilkoppeling, niet meer bedragen dan 2.000 kg; c. een penkoppeling met een nominale pendiameter van: 1°. 30 mm, niet meer bedragen dan 2.000 kg; 2°. 30,6 mm, niet meer bedragen dan 2.000 kg; 3°. 44,5 mm, niet meer bedragen dan 3.000 kg; d. een trekhaak (Hitchhaak) conform ISO 6489-1:2001, niet meer bedragen dan 3.000 kg; e. een trekkerdissel conform ISO 6489-3:2004, niet meer bedragen dan 4.500 kg; f. een niet-zwenkende koppeling met harpsluiting conform ISO 6489-5:2011, niet meer bedragen dan 3.000 kg; g. een schotelkoppeling, niet meer bedragen dan de technisch toegestane maximummassa van het voertuig verminderd met de massa in rijklare toestand.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2021-01-05