Binnenvaartregeling · Binnenvaartregeling
Binnenvaartregeling Art. 2.5
§ 1 Bewijs vakbekwaamheid voor ondernemers in de binnenvaart
1 Aan de eis van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet , behoeft gedurende een jaar niet te worden voldaan door: a. de erfgenaam of, indien er meer erfgenamen zijn, gezamenlijke erfgenamen van de overleden houder van een bewijs van vakbekwaamheid; b. een, door of namens de houder van een bewijs van vakbekwaamheid, gemachtigde in geval van lichamelijke ongeschiktheid of wettelijke onbekwaamheid van de houder van een bewijs van vakbekwaamheid.
2 De termijn, bedoeld in de aanhef van het eerste lid, gaat in op de dag van het plaatshebben van een omstandigheid als bedoeld in het eerste lid, onder a of b. De minister kan op aanvraag in bijzondere gevallen deze termijn met ten hoogste 26 weken verlengen.