Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen · Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen
Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen Art. 5
Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zendt in overeenstemming met Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.