Kadasterregeling 1994 · Kadasterregeling 1994
Kadasterregeling 1994 Art. 21
Titel 5 Bewijs van ontvangst en overige bepalingen
1 Indien de bewaarder overeenkomstig artikel 20, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek weigert een stuk in te schrijven, verzendt hij aan de aanbieder een attendering op niet-inschrijving.
2 De attendering op niet-inschrijving in elektronische vorm is voorzien van een elektronisch zegel van de bewaarder, bedoeld in artikel 7e, tweede lid, van de wet . Indien het stuk in papieren vorm is aangeboden, kan een attendering op niet-inschrijving in elektronische vorm worden verzonden voor zover een elektronisch postadres van de aanbieder bekend is, en anders in papieren vorm.
3 Indien het stuk in papieren vorm is aangeboden, kan de aanbieder het verzoek tot inschrijving binnen 72 uur na het tijdstip van de verzending van de attendering op niet-inschrijving intrekken door middel van een door hem ondertekend en gedagtekend verzoek in papieren vorm.
4 Indien het stuk in elektronische vorm is aangeboden, kan de aanbieder het verzoek tot inschrijving binnen 24 uur na het tijdstip van de verzending van de attendering op niet-inschrijving intrekken door middel van een verzoek in elektronische vorm.
5 De termijnen waarbinnen een verzoek tot inschrijving kan worden ingetrokken, bedoeld in het derde en vierde lid, worden gerekend over werkdagen.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2024-09-28