Wetboek van Strafvordering BES · Wetboek van Strafvordering BES
Wetboek van Strafvordering BES Art. 229
Tweede Afdeling Instellen van het gerechtelijk vooronderzoek
1 De verdachten, getuigen en deskundigen worden ieder afzonderlijk verhoord.
2 De rechter-commissaris kan hen echter, hetzij op de vordering van de officier van justitie, hetzij op het verzoek van de verdachte of diens raadsman, tegenover elkaar stellen of in elkaars tegenwoordigheid verhoren.
3 De verdachte of diens raadsman wordt zoveel mogelijk in de gelegenheid gesteld getuigen te ondervragen. Wanneer naar het oordeel van de rechter-commissaris het gegronde vermoeden bestaat dat een getuige niet op de terechtzitting zal kunnen verschijnen, komt de verdachte of diens raadsman het recht toe hem te ondervragen. De ondervraging geschiedt op de wijze door de rechter-commissaris te bepalen.