Wetboek van Strafvordering BES · Wetboek van Strafvordering BES
Wetboek van Strafvordering BES Art. 323
Tweede Afdeling Onderzoek van de zaak op de terechtzitting
1 De voorzitter vraagt de getuige naar naam en voornamen, leeftijd, beroep en woon- en verblijfplaats; of hij bloed- of aanverwant is van de verdachte, en, zo ja, in welke graad.
2 De voorzitter beëdigt daarna de getuige. Artikel 250, tweede lid , betreffende de vervanging van de beëdiging door een aanmaning, is van overeenkomstige toepassing.
3 Met betrekking tot het verhoren van de getuige en diens recht van verschoning vinden de artikelen 251 tot en met 254 toepassing.