Burgerlijk Wetboek BES Boek 1 · Burgerlijk Wetboek BES Boek 1
Burgerlijk Wetboek BES Boek 1 Art. 377d
Titel 15 Omgang, informatie en raadpleging
1 Onverminderd het tweede lid begint de uitoefening van het recht op omgang zodra de desbetreffende beschikking in kracht van gewijsde is gegaan of, indien zij uitvoerbaar bij voorraad is verklaard, daags nadat de beschikking is verstrekt of verzonden.
2 De uitoefening van het recht op omgang begint, indien tevens een beschikking inzake het gezag is of wordt gegeven, niet eerder dan op het tijdstip waarop voor de andere ouder of voor de voogd het gezag is begonnen.