Faillissementswet BES · Faillissementswet BES
Faillissementswet BES Art. 54
Tweede afdeeling Van de gevolgen der faillietverklaring
1 De curator kan de pand- en hypotheekhouders een redelijke termijn stellen om tot uitoefening van hun rechten overeenkomstig artikel 53 over te gaan. Heeft de pand- of hypotheekhouder het onderpand niet binnen deze termijn verkocht, dan kan de curator de goederen opeisen en met toepassing van de artikelen 96 of 169, vierde en vijfde lid , verkopen, onverminderd het recht van de pand- en hypotheekhouders op de opbrengst. De rechter-commissaris kan de termijn op verzoek van de pand- of hypotheekhouder een of meer malen verlengen.
2 De curator kan een met pand of hypotheek bezwaard goed tot op het tijdstip van de verkoop lossen tegen voldoening van hetgeen waarvoor het pand- of hypotheekrecht tot zekerheid strekt, alsmede van de reeds gemaakte kosten van executie.