Wet volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer B Art. 2.12
Hoofdstuk 2 Bouwen
Onverminderd artikel 10.7 kan het bestuurscollege de bouwvergunning geheel of gedeeltelijk intrekken:
a. indien blijkt dat het bestuurscollege de vergunning op basis van een onjuiste of onvolledige opgave heeft verleend; b. indien niet binnen een jaar nadat de vergunning onherroepelijk is geworden, is begonnen met de bouwwerkzaamheden; c. indien de bouwwerkzaamheden na aanvang meer dan een half jaar stilliggen; d. indien het bouwwerk niet binnen drie jaar nadat de vergunning onherroepelijk is geworden, is voltooid; e. op verzoek van de vergunninghouder.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2017-07-01