Wet gemeentelijke schuldhulpverlening · Wet gemeentelijke schuldhulpverlening
Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Art. 4aBeschikking tot schuldhulpverlening dan wel de afwijzing of beëindiging ervan
1 Na het eerste gesprek, bedoeld in artikel 4, eerste lid , wordt een beschikking afgegeven, inhoudende: a. het plan van aanpak; of b. een weigering tot schuldhulpverlening.
2 In afwijking van het eerste lid kan een beschikking achterwege blijven als in het eerste gesprek door de inwoner wordt aangegeven af te zien van verdere schuldhulpverlening.
3 De beschikking, bedoeld in het eerste lid, wordt gegeven binnen een bij gemeentelijke verordening te bepalen termijn. Deze termijn bedraagt maximaal acht weken.
4 Aan een beschikking als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, kunnen voorwaarden worden verbonden.
5 In het plan van aanpak wordt ten minste de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering , in acht genomen.
6 Als er redenen zijn om de schuldhulpverlening tussentijds te beëindigen, wordt een beschikking tot beëindiging van de schuldhulpverlening afgegeven.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2021-01-01