Beleidsregels sturing van en toezicht op de Dienst Wegverkee Art. 16Oordeelsvorming
§ 5 Taakuitoefening
De minister vormt zich een oordeel over de kwaliteit van de taakuitoefening van de dienst. Daarbij baseert hij zich onder meer op:
a. de bevindingen voortvloeiend uit de in artikel 19, tweede lid, van de Kaderwet bedoelde voorzieningen; b. de regelmatig door de dienst gehouden klant- en medewerkerstevredenheidsonderzoeken; c. de kernprestatie-indicatoren zoals bedoeld in artikel 15 .