Verordening bestuurlijke taken SER · Verordening bestuurlijke taken SER
Verordening bestuurlijke taken SER Art. 5
De taken en bevoegdheden die op grond van artikel LIII van de Wet opheffing bedrijfslichamen en de artikelen 126, zevende lid en 134, tweede lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie , zoals die luidden onmiddellijk voorafgaande aan de inwerkingtreding van de Wet opheffing bedrijfslichamen , zijn toegekend aan de Raad worden gedelegeerd aan de voorzitter van de Raad.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2015-07-01