Erfgoedwet Art. 5.7Eigendom van archeologische vondsten
§ 5.2 Eigendom van vondsten bij het verrichten van opgravingen
Een archeologische vondst die is aangetroffen bij een opgraving en waarop niemand zijn recht van eigendom kan bewijzen, is eigendom van:
a. de provincie waar de vondst is aangetroffen; b. de gemeente waar de vondst is aangetroffen, indien die gemeente beschikt over een aangewezen depot als bedoeld in artikel 5.8, tweede lid ; of c. de Staat, indien de vondst is aangetroffen buiten het grondgebied van enige gemeente.