Besluit activiteiten leefomgeving · Besluit activiteiten leefomgeving
Besluit activiteiten leefomgeving Art. 7.28(aanwijzing vergunningplichtige gevallen: beperkingengebiedactiviteiten)
§ 7.2.2 Grondverzet
1 Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot een waterstaatswerk te verrichten, geldt voor de activiteiten, bedoeld in artikel 7.26, eerste lid , die worden verricht in de Noordzee buiten de zone tussen de duinvoet en de laagwaterlijn, voor zover het gaat om: a. het aanleggen of in stand houden van een bodemophoging of landaanwinning; en b. het aanleggen van een suppletie of het verrichten van een andere handeling die een landwaartse verplaatsing van de kustlijn tot gevolg kan hebben.
2 Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot een waterstaatswerk te verrichten, geldt voor de activiteiten, bedoeld in artikel 7.26, eerste lid , die worden verricht in de zone tussen de duinvoet en de laagwaterlijn van de Noordzee, voor zover het gaat om: a. het aanleggen of in stand houden van een zandbanket op het strand dat hoger is dan 6 m boven NAP of, kustdwars, breder is dan 25 m, gemeten boven op het banket vanaf het duinfront; b. het verplaatsen van meer dan 20 m 3 per strekkende meter zand op het strand, anders dan bedoeld onder a; en c. het gecombineerd binnen een kalenderjaar verrichten van de activiteiten, bedoeld onder a en b, die elk voor zich onder de in die onderdelen genoemde maatvoering blijven.