Regeling specifieke uitkering nationaal programma Groningen Art. 2Specifieke uitkering
1 De minister verstrekt een eenmalige specifieke uitkering aan de gemeenten en de provincie Groningen voor: a. de uitvoering van projecten en werkzaamheden die zijn goedgekeurd door de bestuursvergaderingen van het nationaal programma Groningen op 19 september 2019 en 4 november 2019; b. de uitvoering van het project Opwierde Zuid.
2 De specifieke uitkering bedraagt voor de gemeente: a. Appingedam: 17.600.000 euro, voor de uitvoering van het project Opwierde Zuid; b. Het Hogeland: 400.000 euro, voor de uitvoering van het project Ontwikkelen en managen proces opstellen en voorbereiden lokaal programmaplan Het Hogeland; c. Midden-Groningen: 3.081.500 euro, voor de uitvoering van het project Plus op sport Gorecht en Woldwijck.
3 De specifieke uitkering bedraagt voor de provincie Groningen 8.108.221 euro, waarvan: a. 425.000 euro voor de uitvoering van het project EPI-kenniscentrum 2.0; b. 210.000 euro voor de uitvoering van het project Feest! In Oost en West! (Herbestemming Kerk Garmerwolde); c. 1.330.000 euro voor de uitvoering van het project Loket Leefbaarheid; d. 932.721 euro voor de uitvoering van het project Lokale openbare gecombineerde product- en restwarmteleiding Chemiepark; e. 210.500 euro voor de uitvoering van het project Openbare multicore infravoorziening en start circulair industriewater (tracé C); f. 1.000.000 euro voor de uitvoering van het project Toekomstbeeld 2040; g. 4.000.000 euro voor de uitvoering van werkzaamheden voor het programmabureau nationaal programma Groningen in 2019 en 2020.