Besluit rijden onder invloed BES · Besluit rijden onder invloed BES
Besluit rijden onder invloed BES Art. 7
§ 3 Bloedonderzoek
1 Bij de bloedafname is een opsporingsambtenaar aanwezig die: a. een proces-verbaal opmaakt, voorzien van een sporenidentificatienummer en de naam, het geslacht, de geboortedatum, de geboorteplaats, het geboorteland en het paspoort- of sedulanummer van de verdachte, of, indien deze gegevens onbekend zijn, andere gegevens waarmee de identiteit van de verdachte kan worden vastgesteld; b. een eventueel door de arts of verpleegkundige afgelegde schriftelijke verklaring over de door hem gedane waarnemingen ten aanzien van de verdachte als bijlage bij het proces-verbaal voegt; c. ervoor zorgt dat ieder buisje met bloed is voorzien van een sporenidentificatienummer; en d. ervoor zorgt dat de buisjes met bloed zo spoedig mogelijk worden bezorgd bij een laboratorium als bedoeld in artikel 8, tweede lid , in een bij ministeriële regeling voorgeschreven verpakking en voorzien van een fraudebestendige afsluiting.
2 De opsporingsambtenaar wijst de verdachte bij de bloedafname erop dat hij het recht op tegenonderzoek heeft indien het verslag van het bloedonderzoek, bedoeld in artikel 10, tweede lid , het vermoeden bevestigt dat de eilandsverordening is overtreden, tenzij de bloedafname geschiedt in het kader van een tegenonderzoek.
3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de omstandigheden waaronder de buisjes of het buisje met bloed worden bewaard en vervoerd.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2022-07-01