Rechtsbibliothek und Fallanalyse · Österreich · Belgien · Europäische Union
LAWxPERT Anmelden Kostenloses Konto

Landelijke verplaatsingsregeling veehouderijen met piekbelas · Landelijke verplaatsingsregeling veehouderijen met piekbelasting

Landelijke verplaatsingsregeling veehouderijen met piekbelas Art. 1.6Informatieverplichtingen

Hoofdstuk 1 Algemeen

In KraftAmtlicher Text

1 Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van een middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld.

2 Een aanvraag voor subsidie bevat ten minste de volgende gegevens: a. een beschrijving van de subsidiabele activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd; b. gegevens over de aanvrager, waaronder de naam van de veehouderijonderneming, e-mailadres en rekeningnummer, en het nummer waaronder de onderneming, voor de te verlaten veehouderijlocatie, geregistreerd is bij de Kamer van Koophandel en het post- en bezoekadres; c. gegevens over de contactpersoon bij de aanvrager, of indien van toepassing, de gemachtigde van de aanvrager, waaronder de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres; d. uniek registratienummer van de te verlaten veehouderijlocatie van de veehouderijonderneming, die is ingeschreven met het in onderdeel b genoemde registratienummer bij de Kamer van Koophandel, waarop de aanvraag betrekking heeft; e. voor zover van toepassing, een opgave of de aanvrager voor de te verlaten veehouderijlocatie beschikt over een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit; f. gegevens waarmee de subsidieaanvrager kan aantonen dat de subsidieaanvrager voldoet aan de in artikel 2, eerste lid van bijlage I bij de groepsvrijstellingsverordening landbouw vastgestelde criteria.

3 Bij de aanvraag worden de volgende bescheiden gevoegd: a. voor zover van toepassing, een kopie van de actuele omgevingsrechtelijke melding, de actuele omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit en de actuele omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit, met bijbehorende bijlagen, betreffende de te verlaten veehouderijlocatie waarop de aanvraag betrekking heeft; b. een verklaring van de aanvrager dat op de te verlaten veehouderijlocatie daadwerkelijk een veehouderijonderneming wordt gedreven; c. een kopie van de uitkomsten van de berekening van de stikstofvracht op de te verlaten veehouderijlocatie; d. een kopie van de administratie voor het voor de berekening van de stikstofvracht gebruikte referentiejaar, voor zover deze betrekking heeft op de gegevens, bedoeld in artikel 32, tweede lid, onderdelen d en e, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet ; e. gegevens over het gemiddeld aantal landbouwhuisdieren dat op de veehouderijlocatie is gehouden in het voor de berekening van de stikstofvracht, bedoeld in artikel 1.3 , gebruikte referentiejaar.