Regeling orgaantransplantatie · Regeling orgaantransplantatie
Regeling orgaantransplantatie Art. 2
1 Voor het uitvoeren van de verrichtingen, bedoeld in artikel 1 , bestaat behoefte aan ten hoogste: a. drie instellingen voor transplantatie van het hart; b. zeven instellingen voor transplantatie van de nier; c. twee instellingen voor transplantatie van de alvleesklier; d. drie instellingen voor transplantatie van de long; e. drie instellingen voor transplantatie van de lever; f. één instelling voor transplantatie van de dunne darm; g. één instelling voor transplantatie van de eilandjes van Langerhans; h. vier instellingen voor implantatie van kunstorganen die betrekking hebben op het hart.
2 De wijze waarop in de behoefte wordt voorzien, is neergelegd in paragraaf 1 van de bijlage bij deze regeling.