Tijdelijke subsidieregeling stimulering uitvoering van fulls Art. 8Afwijzingsgronden
Onverminderd de afwijzingsgronden, bedoeld in de artikelen 11 en 12 van het Kaderbesluit subsidies I en M , beslist de minister afwijzend op een aanvraag indien:
a. de te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 500.000,–; b. de financiering van het project niet aantoonbaar sluitend is; c. er sprake is van ongeoorloofde cumulatie van steun als bedoeld in artikel 8 van de AGVV; d. er sprake is van een onderneming in moeilijkheden als bedoeld in artikel 2, achttiende lid, van de AGVV; e. de werkzaamheden aan de maatregelen reeds zijn aangevangen voordat de aanvraag voor het project is ingediend en het stimulerend effect, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de AGVV daardoor ontbreekt; f. de subsidieverstrekking niet in overeenstemming is met enige andere bepaling in de AGVV; g. ten aanzien van de aanvrager reeds een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerder besluit van de Europese Commissie waarbij steun onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard.