Subsidieregeling extensivering melkveehouderij · Subsidieregeling extensivering melkveehouderij
Subsidieregeling extensivering melkveehouderij Art. 12Verplichtingen van de subsidieontvanger
1 De subsidieontvanger doet de kennisgeving, bedoeld in artikel 4, eerste lid , binnen vier weken na de subsidieverlening.
2 De subsidieontvanger zorgt ervoor dat binnen vier weken na de subsidieverlening een zodanig aantal melk- en kalfkoeien wordt afgevoerd, als nodig is om uit te komen op het aantal melk- en kalfkoeien, bedoeld in artikel 10, tweede lid, onderdeel d .
3 De subsidieontvanger handhaaft de in artikel 4, eerste lid , genoemde vermindering van het gemiddeld aantal gehouden melk- en kalfkoeien per jaar gedurende drie jaar, waarbij de periode van drie jaar aanvangt op het moment van de kennisgeving, bedoeld in artikel 4, eerste lid.
4 De subsidieontvanger zorgt ervoor dat het gemiddeld aantal in de melkveehouderij gehouden graasdieren, anders dan melk- en kalfkoeien, omgerekend naar GVE, vanaf het moment van het doen van de kennisgeving, bedoeld in artikel 4, eerste lid , gedurende drie jaar niet toeneemt ten opzichte van het gemiddeld aantal in het jaar 2025 door de melkveehouderij gehouden graasdieren, anders dan melk- en kalfkoeien, omgerekend naar GVE.
5 De subsidieontvanger zorgt ervoor dat de oppervlakte grasland van de melkveehouderij vanaf het moment van de kennisgeving, bedoeld in artikel 4, eerste lid , gedurende drie jaar niet minder is dan de oppervlakte grasland in het jaar 2025.
6 De subsidieontvanger verstrekt op verzoek van de minister nadere informatie om aan te tonen dat is voldaan aan het vierde lid.