Enkelvoudig Verdrag inzake verdovende middelen, 1961, zoals Art. 38Overeenkomsten inzake regionale centra
Indien een Partij, met inachtneming van haar grondwettelijke stelsel, rechtsstelsel en administratief stelsel, zulks wenselijk acht als onderdeel van haar optreden tegen de sluikhandel in verdovende middelen, en, desgewenst met het technisch advies van het Comité of van de gespecialiseerde organisaties, bevordert zij de totstandkoming, in overleg met andere belanghebbende Partijen in de regio, van overeenkomsten waarbij de ontwikkeling wordt overwogen van regionale centra voor wetenschappelijk onderzoek en onderwijs, ter bestrijding van de problemen die voortvloeien uit het clandestien gebruik van en de sluikhandel in verdovende middelen.