Verdrag betreffende de Europese Unie · Verdrag betreffende de Europese Unie
Verdrag betreffende de Europese Unie Art. 8
HOOFDSTUK III LEDEN VAN HET EUROPEES PARLEMENT
Tegen de leden van het Europees Parlement kan geen opsporing plaatsvinden, noch kunnen zij worden aangehouden of vervolgd op grond van de mening of de stem, die zij in de uitoefening van hun ambt hebben uitgebracht.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2009-12-01