Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republie Art. 10Gecontroleerde aflevering
HOOFDSTUK IV BIJZONDERE VORMEN VAN BIJSTAND
De douaneadministraties kunnen binnen het kader van hun nationale wettelijke en administratieve bepalingen, door middel van een wederzijdse regeling, toestemming verlenen voor de onder hun toezicht verrichte invoer in, uitvoer uit of doorvoer via het grondgebied van hun respectieve landen van goederen die betrokken zijn bij ongeoorloofde handel om deze ongeoorloofde handel tegen te gaan. Indien een douaneadministratie niet bevoegd is bedoelde toestemming te verlenen, tracht die administratie samenwerking te bewerkstelligen met de nationale autoriteiten die daartoe wel bevoegd zijn of draagt zij de zaak aan hen over.