Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee Art. 5
1 De partijen bij een geschil betreffende de uitlegging of toepassing van de bepalingen van dit Verdrag betreffende (1) visserij, (2) bescherming en behoud van het mariene milieu, (3) wetenschappelijk zeeonderzoek, of (4) scheepvaart, met inbegrip van de verontreiniging door schepen of door storting, kunnen te allen tijde overeenkomen, te verzoeken om instelling van een bijzonder scheidsgerecht overeenkomstig artikel 3 van deze Bijlage, voor het verrichten van een onderzoek en vaststellen van de feiten die aanleiding zijn voor het geschil.
2 Tenzij de partijen anders overeenkomen, worden de feitelijke bevindingen van het bijzondere scheidsgerecht, handelend overeenkomstig het eerste lid, beschouwd als definitief tussen de partijen.
3 Indien alle partijen bij het geschil zulks verzoeken, kan het bijzondere scheidsgerecht aanbevelingen doen die, zonder de kracht van een beslissing te hebben, alleen de grondslag vormen voor een hernieuwd onderzoek door de partijen van de vraagstukken die aanleiding waren voor het geschil.
4 Onder voorbehoud van het tweede lid, handelt het bijzondere scheidsgerecht overeenkomstig de bepalingen van deze Bijlage, tenzij de partijen anderszins overeenkomen.