Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee Art. 8Voorwaarden voor de deelneming van de leden in een bepaalde zaak
AFDELING 1 ORGANISATIE VAN HET HOF
1 Een lid van het Hof mag niet deelnemen aan de regeling van een zaak waarin hij voordien is opgetreden als vertegenwoordiger, raadsman of advocaat van een van de partijen, als lid van een nationaal of internationaal hof of een nationale of internationale commissie, of in enige andere functie.
2 Indien een lid van het Hof om een bijzondere reden meent niet te moeten deelnemen aan de regeling van een bepaalde zaak, deelt hij dit aan de Voorzitter van het Hof mee.
3 Indien de Voorzitter meent dat een van de leden van het Hof om een bijzondere reden niet moet zitting nemen in een bepaalde zaak, geeft hij dit lid hiervan kennis.
4