Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der N Art. 32
HOOFDSTUK 2 Uitkeringen bij invaliditeit
Wanneer uit de in het voorgaande artikel bedoelde controle blijkt, dat de rechthebbende op invaliditeitsuitkering, terwijl hij in het genot is of was van deze uitkering, werkzaam is of geweest is, of inkomsten geniet of genoot, welke de voorgeschreven grens overschrijden, wordt aan het bevoegde orgaan rapport uitgebracht. In dit rapport dienen te worden vermeld: de aard van de uitgeoefende werkzaamheden, het bedrag van de verdiensten of de inkomsten welke de betrokkene gedurende het laatstelijk verstreken kwartaal genoot, de normale beloning, welke in het zelfde gebied wordt genoten door een werknemer van de beroepsgroep waartoe de betrokkene behoorde in het beroep dat hij uitoefende voor hij invalide werd, alsmede eventueel het oordeel van een medisch-deskundige over de gezondheidstoestand van de betrokkene.