Verdrag tot oprichting van een Europees Ruimte-Agentschap Art. II
1 Het programma wordt uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag en, tenzij anders bepaald in deze Bijlage of in de uitvoeringsregels, overeenkomstig de in het Agentschap van kracht zijnde regels en procedures. Besluiten van de Raad worden genomen overeenkomstig deze Bijlage en de uitvoeringsregels. Bij gebrek aan uitdrukkelijke bepalingen in deze Bijlage of in de uitvoeringsregels is de stemprocedure, vastgelegd in het Verdrag of het reglement van orde van de Raad, van toepassing.
2 Besluiten betreffende de aanvang van een nieuwe Fase worden genomen met een twee derde meerderheid van alle deelnemende Staten, mits deze meerderheid ten minste twee derde van de bijdragen voor het programma vertegenwoordigt. Kan een besluit betreffende de aanvang van een nieuwe Fase niet worden genomen, dan plegen de deelnemende Staten die het programma niettemin wensen voort te zetten, onderling overleg en zij treffen regelingen voor de voortzetting ervan. Zij brengen hierover verslag uit aan de Raad, die eventueel alle nodige maatregelen neemt.